Kleding bij koude en warmte
Bij koude is de vuistregel: kleed voor tien graden warmer dan het buiten is.
Lagen
| Laag | Functie | Materiaal |
|---|---|---|
| Basislaag | Vocht van de huid afvoeren | Merinowol of synthetisch |
| Middenlaag | Isoleren | Fleece, dun donsvest |
| Buitenlaag | Wind en regen tegenhouden | Winddicht, dampdoorlatend |
Bij koude
Bij inspanning stijgt de lichaamstemperatuur binnen enkele minuten. Wie warm vertrekt, staat na een kwartier te zweten en koelt daarna sterker af. Handen, hoofd en oren wel bedekken; daar gaat de meeste warmte weg zonder dat kleding in de weg zit.
Bij warmte
- Licht van kleur en los van pasvorm; lucht tussen huid en stof voert warmte af.
- Vroeg in de ochtend of laat op de avond trainen.
- Bij hoge luchtvochtigheid verdampt zweet slechter; dan het tempo verlagen en niet de duur.
- Zonnebrand en een pet bij langdurige inspanning in de zon.
Katoen
Katoen neemt vocht op en houdt het vast. Bij koude betekent dat afkoelen, bij warmte schuren. Voor het sporten zelf is het daarom minder geschikt, ook al voelt het droog prettig aan.
Onderhoud
Sportkleding op dertig graden, zonder wasverzachter. Wasverzachter legt een laag op de vezel waardoor die vocht niet meer afvoert en geur vasthoudt. Niet in de droger; elastaan verliest daar zijn veerkracht.